De Vlaamse Waterweg rondt de opwaardering van het Albertkanaal verder af, met bruggen die 9,10 meter vrije doorvaarthoogte halen. Daardoor kunnen schepen tussen Antwerpen en Luik met vier lagen containers varen, wat de modal shift moet versnellen.
De Vlaamse Waterweg zegt dat het traject Antwerpen-Luik nu geschikt is voor vierlaags containertransport dankzij verhoogde bruggen. Sweco ondersteunde samen met Arcadis een deelopdracht voor eenendertig bruggen, van voorstudies en programma’s van eisen tot werfopvolging en minder-hindermaatregelen.
Het Albertkanaal geldt als economisch belangrijkste waterweg in Vlaanderen. Jaarlijks gaat het om bijna veertig miljoen ton goederen, volgens de projectinfo goed voor het equivalent van ongeveer twee miljoen vrachtwagens.
Meer capaciteit voor binnenvaart, met impact op wegverkeer
De kerningreep is dat bruggen over het Albertkanaal verhoogd zijn tot 9,10 meter vrije doorvaarthoogte, zodat schepen vier lagen containers kunnen meenemen. Volgens de projectbeschrijving betekent één extra containerlaag ongeveer drieëndertig procent meer rendement per schip, waardoor vervoer over water aantrekkelijker wordt voor bedrijven.
Dat kadert in de rol van het kanaal als schakel in het Europese goederennetwerk en de Noordzee-Mediterrane corridor. De Vlaamse Waterweg koppelde de modernisering ook aan ingrepen die files en CO2-uitstoot moeten beperken, onder meer op de E313-corridor, terwijl knelpunten zoals lage bruggen en beperkte breedte tussen Antwerpen en Wijnegem jarenlang remden.
Van brugprojecten naar lokale mobiliteit en veiligheid
Tussen 2007 en 2024 zijn vijftig van de tweeënzestig bruggen aangepakt, met als symbolisch moment het eerste vierlaagse containerschip op 5 februari 2024. Naast brugverhoging ging het ook om plaatselijke verbreding en het herorganiseren van infrastructuur langs het kanaal, met meer scheiding tussen zwaar verkeer, lokaal verkeer en zachte weggebruikers.
Sweco en Arcadis werkten voor eenendertig bruggen met een programma-aanpak die standaardisatie combineerde met maatwerk per locatie. Vijftien bruggen liepen via PPS-DBFM en zestien via reguliere aanbesteding, met aandacht voor fasering, verkeersafwikkeling, onderhoudbaarheid en slim omgaan met grondstromen.
