Ecocide in nieuw Strafwetboek: governance wordt strafrechtelijk risico

Ecocide in nieuw Strafwetboek: governance wordt strafrechtelijk risico

Sinds 1 september geldt in België een nieuw Strafwetboek waarin ecocide een volwaardige plaats krijgt. Dat betekent niet dat elke milieu-inbreuk voortaan strafbaar is, maar wel dat bedrijven hun milieubeheersysteem expliciet moeten opnemen in hun strafrechtelijke risicobeheersing.

Het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) wijst erop dat ecocide geen nieuw etiket wordt voor elke milieu-inbreuk, noch een algemene klimaatverplichting. Toch verandert er wel iets fundamenteels: bedrijven moeten aantonen dat ze materiële milieurisico’s structureel opvolgen en beheersen, niet enkel achteraf rapporteren.

Wat houdt de nieuwe strafbaarstelling in?

Artikel 94 van Boek II omschrijft ecocide als het opzettelijk plegen van een onwettige daad die ernstige, grootschalige en langdurige milieuschade veroorzaakt, met kennis van die schade. Drie voorwaarden moeten samen bewezen worden: een onwettige handeling, schade van uitzonderlijke ernst en kennis van die schade. Een eenmalig technisch incident of een gewone administratieve tekortkoming valt daar dus niet onder.

Ecocide krijgt het zwaarste niveau in het strafwetboek, niveau zes. Voor natuurlijke personen staat daarop een gevangenisstraf van vijftien tot twintig jaar. Rechtspersonen riskeren een geldboete van 1,2 tot 1,6 miljoen euro, los van de impact op vergunningen, financiering, verzekerbaarheid en reputatie.

Wat betekent dit voor bestuurders?

Het VBO benadrukt dat het grootste risico ontstaat wanneer een gekend signaal, zoals een lek, een aanhoudende emissie of een falende veiligheidsbarrière, niet tijdig wordt onderzocht of opgevolgd. Ramen van bestuur moeten zich ervan vergewissen dat kritieke preventie-investeringen niet zonder onderbouwde beslissing worden uitgesteld en dat signalen het juiste beslissingsniveau bereiken.

Vooral installaties met gevaarlijke stoffen, afvalstromen, water- of bodemrisico’s en complexe ketens met kritieke onderaannemers vergen verhoogde waakzaamheid. Het VBO raadt aan om vergunningen en verantwoordelijkheden per site in kaart te brengen, escalatieprocedures te verduidelijken, kritieke signalen te documenteren en contracten met onderaannemers te herbekijken.

Conclusie

Het nieuwe Strafwetboek trekt een duidelijke grens tussen gewone milieu-inbreuken en ecocide, maar verhoogt tegelijk de lat voor governance. Aantoonbare operationele beheersing, met snelle opvolging van signalen, weegt zwaarder dan louter papieren compliance.

Nieuwsbrief

In je mailbox: aankondigingen van opleidingen, events, nieuws en inzichten over duurzaamheid.

"*" indicates required fields

This field is for validation purposes and should be left unchanged.