decade of action
(Beeld: Adobe Stock)

The decade of action: nu investeren kost minder dan later oplossen

Onderbelichte documentaire laat bedrijfsleiders en experts aan het woord

Sinds 12 december van vorig jaar vind je op YouTube de ‘worldwide première of “The decade of action”’, een film van Wim Vermeulen (Director Strategy & Sustainability bij Bubka) en Bart Lombaerts (co-oprichter en -zaakvoerder van contentmarketingbedrijf Spyke). De film werd niet massaal bekeken (2.711 keer op 10 januari) en ook op LinkedIn kreeg de documentaire weinig reacties. Spijtig, want hij is het bekijken meer dan waard.  

Wat de geïnterviewden zeggen, maakt de documentaire erg inspirerend: ze bekijken duurzaamheidsdoelstellingen niet als beperkingen of extra last, maar als ‘business opportunities’. En hun bedrijven hebben daar werk van gemaakt. Allemaal getuigen ze dat duurzaamheid, milieuzorg, sociale verantwoordelijkheid… en winst maken samengaan. De verschillende internationale bedrijfsleiders en andere gezaghebbende stemmen breken hier op een overtuigende manier en met cijferdata een lans voor snelle actie vanuit het bedrijfsleven, met de SDG’s als doel en instrument.

Niet meer treuzelen

Klimaatwetenschapper Johan Röckstrom herinnert eraan dat ons klimaat, sinds de industriële revolutie die 150 jaar geleden begon, globaal al met 1,2°C opgewarmd is: we bereiken globaal de warmste gemiddelde temperatuur sinds de laatste Ijstijd, 12.000 jaar geleden. Tegen 2030 bereiken we wellicht een opwarming van 1,5°C. Mogelijk komen we tegen 2050 aan + 2°C ten opzichte van het begin van de temperatuurmetingen. De gevolgen zijn bekend: regelmatig en overal extremere weersomstandigheden. Als we meer dan 3°C opwarming zouden kennen, wordt het een wereldwijde catastrofe, met onder meer een stijging van de zeespiegel met 10 à 20 m, grote stukken land die onbewoonbaar en onbebouwbaar worden, te weinig voedselproductie voor de mensheid, massale emigratiestromen, onder meer naar de poolgebieden…

Een voordeel van wereldwijde bedrijven is dat ze niet enkel kijken naar hun directe omgeving, maar dat ze overal kunnen zien wat er gebeurt. Dat merkt onder meer Ikea. Dat bedrijf merkt nu al de effecten van de klimaatveranderingen op haar business: een aantal winkels moesten sluiten door overstromingen, de klimaatveranderingen zorgen voor veranderingen in de energierekeningen… Indien de opwarming tot 3°C stijgt, zal dat een zeer zware impact hebben op het bedrijf.

Bedrijven nemen voortouw

Oud-CEO Paul Polman van Unilever steekt van wal: er zal in de praktijk snel gewerkt moeten worden aan ‘decarbonisatie’, circulaire of ‘regeneratieve’ economie, het herstellen van onze natuurlijke omgeving. Belangrijk daarbij is het bekijken van financiële markten over langere termijn. De focus op kortetermijnwinsten voor de aandeelhouders beperkt de mogelijkheden voor een bedrijf om over langetermijndoelstellingen en meer inclusieve systemen na te denken.

Röckstrom rekent even voor: vanaf nu zullen onze emissies elk decennium met de helft moeten dalen, om een min of meer aanvaardbare opwarming van de aarde te behalen tegen 2050. Maar we zijn geneigd om veranderingsgerichte actie uit te stellen, omdat het te moeilijk is om er meteen aan te beginnen, zegt Pia Heidenmark Cook van IKEA. Voor haar moet elk bedrijf z’n eigen negatieve en positieve impacts kennen en vanuit z’n eigen sterktes werken aan positieve impacts: welk soort bedrijf zouden we moeten zijn? Waar heeft de maatschappij nood aan? 

Paul Polman beaamt het idee van professor Ioannou dat de industrie de milieu- en duurzaamheidsthema’s moet niet bekijken als een probleem dat opgelost moet worden, maar eerder als een kans of een mogelijk gat in de markt. Bedrijven moeten het voorbeeld stellen, want regeringen alleen zijn niet meer opgewassen tegen de klimaatcrisis, zegt Polman.

Het klinkt misschien contradictorisch, maar de betrokken bedrijfsleiders nemen het discours tegen de consumptiemaatschappij over: ‘we moeten vooral minder consumeren, minder kopen’, komt in de documentaire regelmatig naar voren. Of: ‘We moeten stoppen met verspilling, bijvoorbeeld voedselverspilling’ zegt Mette Lykke, de CEO van ToGoodToGo die de daad bij het woord voegde door de oprichting van haar bedrijf. Op vijf jaar tijd wil dat bedrijf een miljard overschotmaaltijden, die normaal gezien weggegooid zouden worden, bij consumenten krijgen: ‘We have to stop making and using so much stuff. Most of it doesn’t even make us happy’, zegt Lykke.

SDG’s helpen 

De SDG’s helpen bedrijven om een interne MVO-inventaris op te maken, de taken op te delen en door te geven aan hun verschillende afdelingen. 

Röckstrom heeft de SDG’s heringedeeld volgens het getrapte model van een huwelijkstaart. Onderaan komen de planetaire doelstellingen van de SDG’s. Die gaan over de grenzen van de biosfeer, die uiteindelijk alles mogelijk maakt (SDG 6,13,15,14). Die doelstellingen moeten, aldus Röckstrom, gewoon door iedereen aanvaard worden en zijn niet onderhandelbaar. Daarbovenop komen de sociale doelstellingen (SDG 1,11,16,7,3,4,5,2). Bovenaan staan de economische doelstellingen (SDG 8,9,10,12), als instrument om de onderliggende SDG’s mogelijk te maken. Op de top staat SDG 17. Er is natuurlijk een interrelatie tussen de doelstellingen, maar we moeten om te beginnen de onderste laag borgen.

In de EU is er in het bedrijfsleven heel wat interesse voor de SDG’s. Vele bedrijven werken samen in de UN Global Compact. Intussen is er de SDG Action Manager, een tool waarin elk bedrijf z’n impact kan meten en beheren. De tool werkt ook als benchmark, om je eigen positie ten opzichte van andere bedrijven te kunnen bepalen.

Goede voorbeelden

Niet alle bedrijven zijn, zoals ToGoodToGo, ontstaan uit MVO-bewustzijn, maar de vertegenwoordigers van de bedrijven die in deze documentaire aan bod komen, kunnen hun verhaal wel concreet maken. 

IKEA wil tegen 2030 alleen nog maar hernieuwbare of recycleerbare producten verkopen én de daling van de broeikasgassen in de hele keten sneller doen dalen dan de uitstoot die ze produceren. 

Unilever zette voor vele van haar producten één van de SDG’s centraal. Ze merkten dat de merken en producten die ze expliciet gelinkt hebben aan één van de SDG’s -en ze die ook zo vermarkt hebben- veel relevanter geworden zijn. Wat zich ook vertaalde in bedrijfsresultaten: ze groeiden 50% sneller dan de andere producten. 

Voor Coca Cola gaat het om het aanpassen van de verpakkingsstrategie. Tegen 2025 wil het bedrijf alle verpakkingen (blikjes, flessen, omhullingen…) terugnemen én ze allemaal recycleerbaar maken. De oorspronkelijke doelstelling om tegen datzelfde jaar 50% gerecycleerde PET-flessen te gebruiken, werd verscherpt en zal in 2023 behaald worden. 

Kosten en baten

Er zal tussen 3 en 5 biljoen dollar nodig zijn om alle milieu- en maatschappelijke doelstellingen van de SDG’s te realiseren. Dat bedrag zal vooral van de industrie moeten komen, zeker nu de overheden massaal geld gepompt hebben in de gevolgen van de coronacrisis. Maar, zegt Paul Polman, we hebben zo lang gewacht en getreuzeld met het nemen van ingrijpende maatregelen, dat intussen de kost van ‘nu actie ondernemen’ lager is dan de kost van ‘alles op z’n beloop laten’. 

Hij geeft enkele voorbeelden: Volgens het IMF was, enkele jaren geleden reeds, de kost van klimaatverandering 5,3 biljoen dollar. Dat ene duurzaamheidsthema kost dus meer dan het aanpakken van alle SDG’s samen. Hetzelfde geldt voor andere thema’s. SDG5, over genderongelijkheid, is een ander voorbeeld. Vrouwen krijgen in de meeste landen niet dezelfde toegang tot onderwijs, landrechten en financiering dan mannen. Dat betekent een derving van 26 biljoen dollar voor de wereldeconomie. Oorlogs- en conflictpreventie kost 8 à 10% van het GDP. Waren we niet beter af met de aanpak van de problemen die aan de grondslag hiervan liggen? 

Hulp van bedrijven bij langetermijndenken

De ervaring van vicevoorzitter van de Europese Commissie Frans Timmermans leert dat de politieke wereld steeds vaker op korte termijn denkt, waar het bedrijfsleven steeds vaker naar de langere termijn kijkt. Big business, de financiële wereld en de investeringsbedrijven hebben de analyse al lang gemaakt en weten dat ze miljarden dollars verliezen als ze niet radicaal van strategie veranderen, richting duurzame ontwikkeling, aldus Timmermans.

Verscheidene bedrijven willen, door hun voorbeeld, ook miljoenen consumenten inspireren om ‘klimaatpositief’ te worden. Investeerders zoals Piet Colruyt vinden dat alle bedrijven ‘impactbedrijven’ moeten worden die maatschappelijke meerwaarde leveren. 

Verschillende getuigen en studies wijzen uit dat bedrijven die langetermijndoelstellingen met milieu- en sociale verantwoordelijkheid combineren, het beter doen. Bedrijven die een maatschappelijk ‘purpose’ integreren in hun werking, halen gemiddeld 40% meer omzet dan andere en blijken meer bestand te zijn tegen bijvoorbeeld de wereldwijde COVID-19-crisis.

Waar investeringsanalysten vroeger negatieve punten gaven aan bedrijven die in milieu en sociale thema’s investeerden, is dat de jongste jaren veranderd, volgens studies van professor Ioannou. Intussen hebben investeerders ook een eigen taalgebruik ontwikkeld, die voortvloeit uit de klimaatdebatten, zegt Gillian Tett van de Financial Times. Zo spreken ze over ‘stranded assets’. Dat zijn bijvoorbeeld gas- en oliereserves die mogelijk niet meer aangeboord zullen worden omwille van beleidskeuzes in de koolstofarme economie. Welke impact heeft dat op de investeringen en de portefeuille van die bedrijven?

Geinterviewde personen:

Externe experts
  • Johan Rockström (klimaatwetenschapper en directeur van het Instituut voor Klimaatonderzoek in Potsdam)
  • Ioannis Ioannou (Associate Professor London Business School)
  • Frans Timmermans (Vicepresident Europese Commissie) 
  • Hugo Von Meijenfeldt (Senior Sustainability Advisor UN Global Compact) 
  • Ron Van Es (stichter School of Purpose Leadership)
  • Gillian Tett (Financial Times)
Experts uit de bedrijfswereld:
  • Paul Polman (ex-CEO van Unilever en stichter van Imagine), 
  • Pia Heidenmark Cook (Chief Sustainability Officer Ingka Group/IKEA), 
  • Hubertine Roessingh (co-directeur B-Lab EU/ C Corp Europe), 
  • Thérèse Noorlander (Sustainability Director Europe Coca Cola), 
  • Ryan Gellert (CEO Patagonia), 
  • Henk Jan Beltman (CEO Tony’s Chocolonely)
  • Ihlam Kadri (CEO Solvay), 
  • Piet Colruyt (impact investor)

De volledige documentaire bekijken:

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=yCuheTKZA88&w=560&h=315]

Nieuwsbrief

In je mailbox: aankondigingen van opleidingen, events, nieuws en inzichten over duurzaamheid.

"*" indicates required fields

Consent*
This field is for validation purposes and should be left unchanged.