De Europese voetbalbond heeft zijn duurzaamheidsstrategie geüpdatet voor de periode 2026–2030. Met het programma Strength Through Unity wil UEFA niet alleen ambities formuleren, maar vooral aantoonbare impact realiseren. De focus verschuift van belofte naar uitvoering, met duidelijke doelstellingen, meetbare indicatoren en jaarlijkse rapportering.
De boodschap is helder: duurzaamheid moet structureel ingebed worden in het Europese voetbal, van grassroots tot internationale toernooien.
Duurzaamheidsstrategie van UEFA: impact centraal
UEFA positioneert voetbal als een maatschappelijke hefboom. De organisatie benadrukt dat duurzaamheid geen neventhema meer is, maar een kernonderdeel van goed bestuur en lange termijnwaarde.
De vernieuwde strategie steunt op drie pijlers:
- sociale impact
- respect voor het milieu
- verantwoord management
Elke pijler wordt vertaald in concrete beleidsdomeinen met doelstellingen tegen 2030 en bijhorende KPI’s. Jaarlijkse voortgang wordt gebundeld in het Respect Report.
De strategie bouwt voort op de periode 2021–2025, waarin bijna 90 miljoen euro werd geïnvesteerd in sociale en ecologische initiatieven. Volgens UEFA is de volgende stap schaalvergroting: minder symbolische acties, meer systemische verandering.
Op milieuvlak focust de strategie op twee grote speerpunten:
- circulaire economie
- klimaat en emissiereductie
UEFA wil het 4R-principe (Reduce, Reuse, Recycle, Recover) verankeren in alle operaties. Doel is om plastic- en voedselverspilling drastisch te verminderen bij evenementen en in de eigen organisatie.
Voor klimaat stelt UEFA een duidelijke doelstelling: de broeikasgasuitstoot tegen 2030 met 50 procent reduceren binnen de eigen organisatie en bij UEFA-evenementen. Daarbij verschuift de aanpak van compensatie naar effectieve reductie en investeringen in mitigatiemaatregelen, zoals duurzame brandstoffen.
Daarnaast wil de organisatie haar internationale zichtbaarheid inzetten om klimaatbewustzijn te vergroten binnen de voetbalgemeenschap.
Verantwoord management: duurzaamheid in evenementen en infrastructuur
Duurzaamheid wordt ook verankerd in de manier waarop toernooien en infrastructuur worden georganiseerd.
Met het Event Sustainability Performance Evaluation System (ESPES) meet UEFA systematisch de sociale en ecologische prestaties van haar evenementen. Alle toernooien moeten werken met een ESG-matrix, rapportageverplichtingen en externe controle.
Ook infrastructuur krijgt specifieke richtlijnen. Nieuwe en gerenoveerde stadions moeten rekening houden met energiegebruik, mobiliteit, waterbeheer en materiaalkeuze. Kennisdeling en samenwerking met lidbonden moeten de lat voor duurzame sportinfrastructuur verhogen.
Van top-down naar gezamenlijke uitvoering
De strategie benadrukt dat duurzaamheid niet alleen via regelgeving kan worden opgelegd. UEFA erkent dat de volgende fase een combinatie vraagt van top-downbeleid en bottom-upbetrokkenheid van clubs, supporters en lokale gemeenschappen.
Stakeholderconsultaties tonen brede steun voor de gekozen beleidsdomeinen. Sociale thema’s zoals antidiscriminatie en kinderbescherming worden als prioritair ervaren, maar ook klimaat en circulaire economie scoren hoog op relevantie.
UEFA koppelt de strategie expliciet aan internationale kaders zoals de Sustainable Development Goals en het UN Sport for Climate Action Framework.
De weg naar 2030
De periode tot 2030 geldt als richtinggevend, maar de organisatie benadrukt dat de ambities verder reiken. Duurzaamheid wordt voorgesteld als een langetermijninvestering in geloofwaardigheid, risicobeheersing en maatschappelijke legitimiteit.
Met meetbare doelstellingen, jaarlijkse rapportering en externe verificatie wil UEFA de stap zetten van intentie naar aantoonbare impact. Of dat volstaat om het Europese voetbal echt structureel te verduurzamen, zal de komende jaren moeten blijken.
lees ook
Kan voetbalwereld blijven groeien in tijden van klimaatcrisis?
