Vanaf nu krijgen consumenten in de Europese Unie meer inzicht in hoe makkelijk smartphones en tablets te herstellen zijn. De Europese Commissie voert een nieuw repareerbaarheidsscore-systeem in, dat wordt toegevoegd aan het bekende EU-energielabel. Het label geeft aan in welke mate een toestel eenvoudig te repareren is, wat duurzamere keuzes mogelijk maakt.
Wat is de repareerbaarheidsscore?
De repareerbaarheid wordt beoordeeld met een score van A (beste repareerbaarheid) tot E (minst repareerbaar). Deze beoordeling is gebaseerd op een wetenschappelijke methode ontwikkeld door het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (JRC). Daarbij wordt rekening gehouden met:
- de stappen die nodig zijn om onderdelen te demonteren
- het type en aantal gereedschappen die vereist zijn
- de beschikbaarheid van reserveonderdelen
- de toegankelijkheid van reparatie-informatie
De score wordt weergegeven op het energielabel van elk apparaat, naast andere energie- en milieukenmerken.
Milieuvoordelen en besparingen
Door de levensduur van apparaten te verlengen, kan de milieu-impact van elektronica aanzienlijk dalen. Volgens het Ecodesign Impact Accounting Report 2024 kan de regelgeving jaarlijks tot 0,2 miljoen ton CO₂-uitstoot besparen. Voor consumenten wordt een mogelijke totale besparing van €20 miljard tegen 2030 verwacht.
Versterking van de circulaire economie
Naast voordelen voor het milieu en de consument kan de maatregel ook leiden tot:
- een grotere vraag naar repareerbare producten
- een groeiende reparatiesector binnen de EU
- de creatie van lokale werkgelegenheid
De maatregel maakt deel uit van bredere plannen binnen het Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR)-kader. De Europese Commissie onderzoekt de uitbreiding van de repareerbaarheidsscore naar andere consumentenelektronica en kleine huishoudtoestellen.
lees ook
Out of Use zet oude elektronische apparaten om in bos
