Oververhitting in woningen wordt een steeds concreter probleem. Jan Battheu van Jaga ziet airconditioners niet als de eerste oplossing, maar als een snelle reflex wanneer ontwerp, ventilatie en koeling vooraf onvoldoende zijn meegenomen.
Het gesprek vertrekt vanuit een herkenbare vaststelling: als het buiten warmer wordt, kijken veel gezinnen naar een airconditioner. Battheu begrijpt die reflex, maar vindt hem te beperkt. “Een airco is voor mij symptoombestrijding”, zegt hij. “Die doet wat hij moet doen op het moment dat het eigenlijk al te laat is.”
Oververhitting vraagt een bredere aanpak
Volgens Battheu begint het probleem niet bij het toestel dat een kamer moet afkoelen, maar bij de woning zelf. Nieuwbouwwoningen zijn vandaag sterk geïsoleerd en hebben vaak grote glaspartijen. Dat helpt in de winter, maar kan in de zomer voor warmteopbouw zorgen wanneer het ontwerp onvoldoende rekening houdt met zoninstraling, ventilatie en actieve of passieve koeling.
“Je kan veel vermijden vooraf, waardoor in 90 procent van de gevallen airco niet nodig is”, stelt Battheu. Hij verwijst naar een combinatie van isolatie, beglazing, ventilatie en watergedragen koeling via bestaande installaties. Die aanpak houdt de binnentemperatuur stabiel, in plaats van pas in te grijpen wanneer kamers al te warm zijn geworden.
Verwarmen en koelen
Jaga maakt al sinds 1962 oplossingen voor verwarming, koeling en decentrale ventilatie. Het Belgische bedrijf kijkt daarbij niet alleen naar technische prestaties, maar ook naar design en verschillende plaatsingsmogelijkheden van toestellen in een interieur.
Het bedrijf positioneert zich als fabrikant van oplossingen voor verwarming, koeling en decentrale ventilatie. Battheu vertelt dat het bedrijf tachtig procent van zijn omzet exporteert en wereldwijd gebouwen uitrust met zijn systemen. Die internationale aanwezigheid geeft volgens hem een breed zicht op hoe verschillende markten omgaan met comfort, energieverbruik en klimaatverandering.
De basis blijft de convector, maar die evolueerde de voorbije jaren sterk. Waar klassieke radiatoren vooral warmte afgeven, kunnen moderne ventilo-convectoren ook samenwerken met warmtepompen en koelen met water op een lagere watertemperatuur. “Als je met zeventien graden water vanuit de warmtepomp naar binnen brengt over je convectoren, dan heb je geen airco nodig”, zegt Battheu.
Daarmee verschuift de rol van verwarmingstoestellen. Ze worden niet alleen ingezet in de winter, maar krijgen ook een functie in de zomer. Volgens Battheu past dat beter bij woningen die steeds energiezuiniger worden. De uitdaging ligt niet meer alleen in warmte produceren, maar in het hele jaar door een stabiel binnenklimaat behouden.


Design blijft deel van technische keuze
Een toestel mag aanwezig zijn, zolang het past in de ruimte. Daarom blijft vloerverwarming populair omdat ze onzichtbaar is en een aangenaam comfortgevoel geeft. Battheu erkent die voordelen, maar plaatst er een technische kanttekening bij. Voor koeling werkt vloerverwarming traag door haar inertie. Wie vandaag wil koelen, voelt het effect niet meteen.
Battheu geeft een concreet voorbeeld uit zijn eigen woning. Als vloerverwarming overdag warmte blijft afgeven, helpt het weinig om ze ’s avonds uit te schakelen wanneer slaapkamers moeten afkoelen. “Dat is een zeer traag systeem”, zegt hij. “Het blijft warmte uitstralen en het duurt zeer lang tot het afgekoeld is.”
Omgekeerd geldt hetzelfde voor koeling. Een vloer moet eerst massa afkoelen voor bewoners het effect voelen. Volgens Battheu leidt dat tot frustratie wanneer mensen verwachten dat vloerverwarming ook snel kan koelen. “Als je twee dagen koelt, wordt de vloer pas fris”, zegt hij.
Daarom ziet hij een combinatie als logischer. Vloerverwarming kan de basis leveren in leefruimtes, terwijl ventilo-convectoren pieken opvangen voor verwarming en koeling. “De combinatie van een statisch en dynamisch systeem zal volgens mij op lange termijn de toekomst zijn”, zegt Battheu. “Dan heb je energetisch de beste oplossing en heb je altijd koelte in huis zonder airco.”
Airco versus preventieve maatregelen
Battheu noemt airco geen fout product. Hij erkent dat een airconditioner in bepaalde situaties nodig is. Niet elke woning heeft leidingen liggen, niet elke renovatie kan van boven tot beneden worden opengebroken en niet iedereen heeft tijd of budget voor een geïntegreerde aanpak. Bij acute hitteproblemen komt een airco dan snel in beeld.
Toch blijft het volgens hem een oplossing die vooral de gevolgen aanpakt. “Het pakt de gevolgen aan van oververhitting en niet de oorzaken”, zegt Battheu. Hij vergelijkt het met een pijnstiller na een kater. Die helpt tijdelijk, maar voorkomt het probleem niet. De betere aanpak zit volgens hem in het vermijden van de oververhitting zelf.
Ook op energievlak ziet hij verschillen. Een airco werkt volgens Battheu vaker met een aan-uitlogica, terwijl een geïntegreerd systeem met warmtepomp en buffer gelijkmatiger kan werken. Dat moet energiepieken beperken en het comfort stabieler houden. Daarnaast wijst hij op geluid. Een ventilo-convector kan volgens hem op 26 dB(A) geluidsdrukniveau draaien, waardoor hij nauwelijks hoorbaar is.
De macht der gewoonte vertraagt verandering
Dat convectoren nog niet overal de standaard zijn, ligt volgens Battheu niet alleen aan de eindgebruiker. Bij renovaties speelt de installateur vaak een bepalende rol. Bewoners bellen iemand met wie ze al jaren werken, en die grijpt terug naar systemen die hij goed kent. “Daar heb je de macht der gewoonte”, zegt Battheu.
Ook architecten kijken volgens hem nog vaak vanuit esthetiek naar installatietechniek. Vloerverwarming is dan aantrekkelijk omdat ze onzichtbaar is, terwijl onze toestellen ook volledig weggewerkt kunnen worden. Tegelijk ontbreekt soms kennis over alternatieven die verwarmen en koelen combineren. Battheu ziet daarom nog veel werk bij voorschrijvers, calculatiebureaus en ingenieurs. Zij moeten volgens hem meer in volledige systemen denken.
Die omslag vraagt uitleg, zeker omdat woningen complexer worden. Een warmtepomp alleen lost niet alle comfortvragen op. Ventilatie, zonwering, glaspartijen, thermische massa, regeling en afgiftesystemen bepalen samen hoe een woning zich gedraagt. Dat maakt de keuze technischer, maar ook belangrijker voor de levensduur van een gebouw.
“Omdat een ventiloconvector nauwelijks hoorbaar is, vergeet je bijna dat hij er is.”
Jan Battheu, ceo van jaga
Koelen begint voor de hitte toeslaat
Het gesprek met Battheu maakt duidelijk dat koeling in woningen verschuift van noodoplossing naar ontwerpvraag. Airco blijft bruikbaar waar snelle ingrepen nodig zijn, maar lost volgens hem niet de oorzaak van oververhitting op. Wie nieuw bouwt of grondig renoveert, moet vroeger nadenken over glas, ventilatie, warmtepomp, afgiftesysteem en regeling.
Voor Jaga ligt de toekomst in systemen die verwarmen en koelen combineren, zonder dat comfort volledig afhankelijk wordt van klassieke airconditioning. Dat vraagt meer kennis bij installateurs, architecten en eindgebruikers. De vraag is daarom niet alleen welk toestel een kamer afkoelt, maar hoe een woning voorkomt dat die kamer te warm wordt.
