Drie studenten voedingstechnologie aan Thomas More Geel ontwikkelden een koekje op basis van bierdraf, de graanafvalstroom die ontstaat tijdens het brouwen van bier. Omdat bierdraf veel vezels en eiwitten bevat, vormt het een waardevolle basis voor menselijke voeding. Met hun bierdrafkoekje willen de studenten aantonen dat brouwafval kan worden opgewerkt tot een nieuw, circulair product.
Hoe het bierdrafkoekje Thomas More een reststroom valoriseert
Kleinschalige brouwerijen produceren grote hoeveelheden bierdraf, dat vaak op de composthoop belandt of als veevoeder wordt gebruikt. De studenten onderzochten de samenstelling en bleken dat de reststroom nog rijk is aan voedingsstoffen. Door de draf te drogen, te malen en te zeven konden ze een geschikt deeg ontwikkelen.
Voor de vulling testen de studenten verschillende soorten fruitbiergelei. Via een sensorische proef met een panel worden meerdere varianten beoordeeld om te bepalen welke smaak het beste werkt in het uiteindelijke product.
Vezelrijk en lokaal: de troeven van het bierdrafkoekje Thomas More
Het koekje bevat veel bierdraf en is daardoor vezelrijk en vullend. Lokale hobbybrouwers die het resultaat al mochten proeven reageren positief. De studenten hopen dat het recept wordt opgepikt door partners zodat het product verder kan worden ontwikkeld.
Voor de verdere uitrol zoekt Thomas More Geel samenwerking met bakkers, verenigingen en andere lokale initiatieven die het bierdrafkoekje willen produceren of testen.
Den Arno als lokale verwijzing in het bierdrafkoekje Thomas More
Het koekje kreeg de naam Den Arno, een knipoog naar Sint Arnoldus, de patroonheilige van bierbrouwers. De studenten lanceerden ook een Instagrampagina om hun project verder toe te lichten en reacties te verzamelen.
