Sint-Niklaas lanceert de campagne ‘Gewild Wild’ om meer ruimte te geven aan natuur en biodiversiteit in de stad. Gras wordt nog maar één tot twee keer per jaar gemaaid en de stad test nieuwe vuilbakken uit op drie drukbezochte locaties.
De stad Sint-Niklaas zet al langer in op extensief groenbeheer, waarbij grasvelden en bermen minder vaak worden gemaaid. Dat beleid wierp in 2024 al vruchten af: de groendienst ontdekte toen een zeldzame bijenorchis in een groenzone bij het station.
Minder maaien, meer biodiversiteit
Met de campagne ‘Gewild Wild’ maakt de stad haar aanpak zichtbaarder. De slogan verschijnt op de bestelwagens en kledij van de groendienst, en infoborden duiken op aan de wildere groenzones. Schepen van Openbaar Domein Kris Van der Coelden (Vooruit) legt uit dat meer bloemen en planten zorgen voor een toename van insecten, wat ook vogels en andere dieren aantrekt.
Struiken krijgen meer ruimte om in hun natuurlijke vorm te groeien en er wordt pas gesnoeid na de bloeiperiode of nadat vogels zijn uitgebroed. Bepaalde zones zoals begraafplaatsen, speelpleinen en de eerste meter van wegbermen blijven wel intensief onderhouden.
Nieuwe vuilbakken tegen sluikstort
Tegelijk test Sint-Niklaas nieuwe vuilbakken uit op drie locaties: aan het station, op de Houtbriel en op het Adolf Daensplein. De nieuwe modellen spelen in op het gedrag van voorbijgangers. Een kleine inwerpopening voorkomt dat huishoudelijk afval erin belandt, een schuin of afgerond oppervlak ontmoedigt afval bovenop de bak en een sigarettendover beperkt het aantal peuken op de grond.
Testfase bepaalt verdere uitrol
De testfase moet uitwijzen of de nieuwe vuilbakken effectief sluikstort en zwerfvuil verminderen, vooraleer de stad ze breder uitrolt in het centrum. Sint-Niklaas combineert zo twee sporen: een groenbeleid dat biodiversiteit stimuleert en een aanpak die de netheid in het stadscentrum verbetert.
