België moet zijn landgebruik, landbouwpraktijken en bosbeheer grondig hertekenen om tegen 2050 CO2-neutraal te worden. Dat blijkt uit een studie van de Dienst Klimaatverandering van de FOD Volksgezondheid, uitgevoerd door Vito, Sytra en Gembloux Agro-Bio Tech.
De onderzoekers stellen vast dat de natuurlijke koolstofputten van het land, zoals bossen en blijvend grasland, hun capaciteit om CO2 op te nemen zien afnemen. Volgens Camille Reyniers van de Dienst Klimaatverandering is dat opnamevermogen sinds 1990 met een factor zes gedaald door verstedelijking, de omzetting van grasland naar akkerland en de gevolgen van de klimaatopwarming.
Drie scenario’s, één haalbaar pad
De studie vergelijkt drie trajecten: een voortzetting van de huidige trends, een scenario met reeds goedgekeurde beleidsmaatregelen, en een scenario van ingrijpende verandering. Enkel dat laatste scenario laat toe om de klimaatdoelstellingen voor 2050 te halen.
De belangrijkste ingreep betreft de veeteelt. Het scenario voorziet een daling van de veestapel met 45 procent voor melkkoeien, 70 procent voor varkens en 71 procent voor runderen ten opzichte van 2022. Daardoor komt 278.000 hectare landbouwgrond vrij, meer dan een vijfde van het Belgische landbouwareaal. Die grond kan dienen voor herbebossing van meer dan 80.000 hectare, het herstel van drooggelegde veengebieden en de omvorming van bijna 10.000 hectare weiden tot watergebieden.
Meer diversiteit en biologische landbouw
Het scenario gaat gepaard met een voedingspatroon dat meer op plantaardige eiwitten steunt. Daarnaast voorziet het een uitbreiding van agrobosbouw op tien procent van de landbouwgrond en dertig procent van de graslanden, en van biologische landbouw tot veertig procent van de landbouwgrond in Vlaanderen en zestig procent in Wallonië. Tegen 2030 moet ook de netto bodemverharding stoppen.
Voor het bosbeheer pleit de studie voor meer diversiteit in boomsoorten en leeftijd, omdat jongere bomen meer CO2 opnemen dan oudere exemplaren. De auteurs wijzen ook op nevenvoordelen zoals een grotere veerkracht tegen extreem weer en een versterking van de biodiversiteit.
Nood aan stabiel beleidskader
De onderzoekers benadrukken dat een dergelijke transitie enkel slaagt met een samenhangend en stabiel beleidskader en nauwe coördinatie tussen de verschillende bestuursniveaus. Ondersteuning en begeleiding van de landbouwsector zijn daarbij onmisbaar om de omschakeling haalbaar te maken.
lees ook
Belgische klimaatneutraliteit: al stappen gezet, maar nog reuzenpassen te gaan tot netto nul
